Pilootproject brengt drempels tot deelmobiliteit in kaart
Hoewel deelmobiliteit aan populariteit wint, vindt niet iedereen de weg naar deelfietsen en deelauto's. In opdracht van Stad Leuven onderzochten we welke drempels mensen ervaren, en formuleerden we zeven aanbevelingen om die drempels weg te nemen. Handig voor lokale besturen of mobiliteitsaanbieders die deelmobiliteit inclusiever willen maken.
Wat is deelmobiliteit?
Bij "deelmobiliteit" kunnen verschillende personen doorheen de tijd gebruik maken van hetzelfde vervoermiddel. Het gebruik van een vervoermiddel wordt dus gedeeld, en is niet voorbehouden aan een enkele eigenaar. Deelmobiliteit bestaat in verschillende vormen zoals autodelen, (bak)fietsdelen of stepdelen, en dat zowel via commerciële of particuliere systemen.
Deelmobiliteit voor iedereen?
Deelmobiliteit groeit snel in Vlaanderen. Steeds meer mensen maken gebruik van deelfietsen, deelbakfietsen, deelauto’s en deelsteps. Toch blijkt uit onderzoek dat niet iedereen mee op de kar springt. Mensen met een lager inkomen, ouderen of inwoners met een migratieachtergrond maken er minder gebruik van.
Dat is jammer, want deelmobiliteit kan net voor kwetsbare groepen een belangrijke hefboom zijn, omdat het toegang geeft tot vervoersmiddelen zonder de hoge kosten die gepaard gaan met aankoop, onderhoud en verzekering. Voor mensen in mobiliteitsarmoede betekent dat meer mogelijkheden om zich te verplaatsen, bijvoorbeeld naar het werk, naar de school van hun kinderen of naar de dokter.
Pilootproject bij Leuvense buurtcentra
Om drempels tot deelmobiliteit beter te begrijpen, zette Stad Leuven samen met Mobiel 21, VELO vzw en Cambio een pilootproject op. Tussen maart 2024 en maart 2025 richtten we tijdelijke deelpunten in bij drie Leuvense buurtcentra – Mannenstraat, Sint-Maartensdal en Casablanca. Bewoners konden er telkens vier maanden lang gebruikmaken van een mix aan deelvoertuigen: gewone fietsen, elektrische fietsen, elektrische bakfietsen en een auto.
De keuze van de projectpartners om het deelaanbod bij de buurtcentra te organiseren was bewust: in deze wijken wonen heel wat kwetsbare profielen die het plaatselijke buurtcentrum vaak bezoeken. Inschrijving voor het project verliep dan ook via buurtwerkers. Om de deelname voor kwetsbare bewoners laagdrempelig te maken, konden zij de deelvoertuigen gratis gebruiken gedurende het pilootproject.
Het eigenlijke onderzoek bestond vervolgens uit diepte-interviews met deelnemers en een focusgroep met buurtwerkers. In de gesprekken gingen we na welke drempels deelnemers ervaarden bij het gebruik van de deelvoertuigen en hoe zij deelmobiliteit zien als mogelijke oplossing voor hun mobiliteitsnoden. In de focusgroep spraken we over deelmobiliteit, inclusie en mobiliteitsarmoede met drie buurtwerkers. Zij waren tijdens het project het eerste aanspreekpunt voor deelnemers, hielpen bij inschrijvingen en registratie bij de deelaanbieders, en kennen de mobiliteitsnoden van hun buurtbewoners.
verspreid over de drie buurtcentra
met fiets, bakfiets en auto
de rest met de verschillende deelfietsen
Drempels tot deelmobiliteit
Het voornaamste doel van ons onderzoek was om drempels in kaart te brengen die het gebruik van deelmobiliteit door kwetsbare groepen beïnvloeden. Omdat de voertuigen in dit project gratis ter beschikking werden gesteld, speelde de financiële drempel eigenlijk geen rol. Daardoor kwamen andere barrières duidelijker naar voren.
- Kennis: Veel mensen weten niet goed wat deelmobiliteit inhoudt.
- Digitale en praktische vaardigheden: Een app gebruiken, rijden met een elektrische fiets of rijden met een bakfiets is niet voor iedereen vanzelfsprekend.
- Werking van het deelsysteem: Registratie en reservatie zorgen vaak voor stress.
- Delen als mindset: De stap van “eigen bezit” naar “samen gebruiken” vraagt gewenning.
- Locatie en inrichting van het deelpunt: Nabijheid en herkenbaarheid van deelpunten zijn cruciaal om gebruikers aan te rekken.
- Kostprijs: Zelfs als ritten betaalbaar zijn, ervaren heel wat mensen financiële stress. Bijvoorbeeld omwille van hoge instapkosten of angst voor boetes.
Zeven aanbevelingen voor inclusievere deelmobiliteit
Op basis van de onderzoeksresultaten, de interviews en de focusgroepen met de buurtwerkers zijn algemene aanbevelingen mogelijk om deelmobiliteit inclusiever te maken, en beter af te stemmen op de wensen en noden van kwetsbare bevolkingsgroepen.
- Communiceer breed en in begrijpelijke taal
- Zet in op persoonlijke begeleiding
- Organiseer oefenmomenten met de voertuigen
- Ga voor een vertrouwde locatie en een aanbod op maat van de buurt
- Vereenvoudig het registratieproces
- Voorzie alternatieven voor digitale toegang
- Zorg voor een betaalbaar en evenwichtig prijsmodel
Wil je meer achtergrondinformatie bij deze aanbevelingen? Download dan ons Inzicht "Drempels tot deelmobiliteit".
Samen naar deelmobiliteit voor iedereen
Deelmobiliteit biedt kansen, zeker voor mensen die zelf niet over een fiets of auto beschikken. Toch zullen kwetsbare profielen pas voluit gebruik kunnen maken van deelsystemen als bestaande drempels verdwijnen. De resultaten van het Leuvense pilootproject bieden op dat vlak handvaten voor lokale beleidsmakers en mobiliteitsaanbieders.
Vragen? Of samen aan de slag?
Wil jij samen werk maken van inclusievere deelmobiliteit? Of heb je vragen over je vragen het pilootproject, de resultaten of de aanbevelingen? Neem dan via onderstaand formulier contact op met onze collega Eva De Vrij.
Dit pilootproject en onderzoek werd mogelijk gemaakt dankzij Stad Leuven en het Interreg-project ShareDiMobiHub.
Gerelateerde inzichten
Alle fietsers groen licht geven: zo doe je dat
Op wereldfietsdag trapten we samen met de Fietsersbond en G-sport Vlaanderen de campagne 'Groen licht voor álle fietsers' op gang. Want fietsen is niet voor iedereen vanzelfsprekend en al zeker niet voor mensen met een beperking. Lees onze tips hoe je als lokaal bestuur meer plaats kunt maken voor speciale fietsers, en zet mee het licht op groen!
Rome toont de weg naar inclusieve deelmobiliteit
Hoe kan deelmobiliteit bijdragen tot een veerkrachtigere en meer op mensen gerichte mobiliteit? Op die vraag zochten professionals en politici uit meer dan 12 EU-landen naar antwoorden op de CIVINET 2-daagse in Rome. Wij zetten de belangrijkste bevindingen op een rijtje.
Samen tegen mobiliteitsarmoede
Je kunnen verplaatsen is een basisrecht. Daarom maken we komaf met mobiliteitsarmoede. We geven fietsles aan volwassenen, kinderen en studenten. Én we doen onafhankelijk onderzoek.