Wat doet een Autovrije Zondag in de 21ste eeuw?

Is een Autovrije Zondag nog wel relevant in tijden van circulatieplannen, fietsstraten, autoluwe centra en lage-emissiezones?

Ja, ver­dorie, daar vraag je iets. We kun­nen in ieder geval niet zeggen dat we op het vlak van duurzame mobiliteit hebben stilges­taan (no pun intend­ed). Miss­chien hebben al die autovri­je dagen intussen hun doel al wel bereikt, en – dur­ven we het zeggen – hun beste tijd gehad. Tijd om het track record’ van de autoloze zondag te bek­ijken en in te schat­ten of we ook in de toekomst nog autovri­je zonda­gen nodig hebben.

In de jaren 40, 50 en 70 waren de autoloze zonda­gen ingegeven door oli­eteko­rten en cri­sis­sen. Ze zijn amper te vergelijken met de vri­jwillige autovri­je zonda­gen die we sinds 1999 ken­nen. De func­tie van de autovri­je zondag is ver­schoven van pure economis­che noodza­ak (brand­stof te sparen in tij­den van cri­sis) naar een plei­dooi voor meer milieube­wustz­i­jn en leef­baarheid in de stad. Het prag­ma­tis­che heeft plaats gemaakt voor een ide­ol­o­gis­che invulling. Een autovri­je zondag laat mensen dromen hoe hun straat, buurt, stad zou kun­nen zijn zon­der auto’s.

Troef 1: dromen over anders

Als we veel mensen kun­nen lat­en dromen of nog maar lat­en stil­staan bij hun ver­vo­ers­ge­woon­ten dan kun­nen we op ter­mi­jn din­gen veran­deren. De kracht van autovri­je zondag ligt erin dat hij echt iedereen bereikt, dus niet enkel de geën­gageerde buurt­comités en straat­groeperin­gen en niet enkel gemo­tiveerde bedri­jven en werkgev­ers of de pen­de­lende foren­zen. De bood­schap gaat naar alle bewon­ers, bezoek­ers, han­de­laars en toe­val­lige pas­san­ten. De straat is boven­di­en één van de enige plekken die let­ter­lijk Jan en alle­man elke dag gebruikt. Door­dat net de straat cen­traal staat op autovri­je dagen is het poten­tieel om er een sterke cam­pagne rond te bouwen zo groot. 

Geen enkele sen­si­bilis­er­ingscam­pagne rond duurzame mobiliteit slaagt erin zo een brede doel­groep te bereiken als die van Autovri­je Zondag. Geen won­der dat in veel Europese lan­den de week tussen 16 en 22 sep­tem­ber in het teken staat van duurzame mobiliteit. De inschri­jvin­gen van ste­den en gemeen­ten die een autovri­je dag op poten zetten, zit de laat­ste jaren duidelijk in de lift. Een­maal geproefd van een autovri­je dag hebben ze vaak de smaak te pakken. Dit jaar organ­is­eren 49 Vlaamse ste­den en gemeen­ten een autovri­je activiteit op hun grondge­bied. Daarmee mak­en ze duidelijk dat ze de derde zondag van sep­tem­ber een afspraak hebben die ze niet meer willen missen. 

Troef 2: gezon­der is beter

In tij­den waar ver­keer­scir­cu­latie en gezonde lucht hoog op de belei­d­sagen­da staan, is een Autovri­je Zondag de ide­ale gele­gen­heid om het effect, zij het kort­stondig, van een nieuwe ver­keers­maa­tregel, een ver­keers­fil­ter, een omlei­d­ingslus of een lage-emissiezone te testen en te eval­ueren. Ste­den of gemeen­ten kun­nen op een autovri­je zondag hand­ig gaan exper­i­menteren met stukken straat of mixwijken of zelfs volledi­ge afges­loten stad­s­cen­tra. Ze pakken het zo groot of zo klein aan als ze zelf willen. Het dag­je autorust is naast de ruimtelijk ver­adem­ing door de vri­jgekomen ruimte ook een let­ter­lijke ver­adem­ing. Stud­ies tij­dens de autovri­je zondag in Brus­sel van IRCEL tonen zwart op wit dat de geme­ten luchtk­waliteit tij­dens deze dag beduidend beter is dan op een doorsnee (zon)dag.

Troef 3: pow­er to the peo­ple

De stad een keer mogen ervaren zon­der ver­keer­slawaai, is toch iets waar ook de groot­ste die­selvreter een klein beet­je warm van wordt. Het doet een stad ook gewoon goed om het ini­ti­atief aan de inwon­ers en verenigin­gen te lat­en om de vri­jgekomen ruimte cre­atief en naar harten­lust in te vullen. Dit blan­co can­vas is al jaren een suc­ces­for­mule. Of wat dacht je van rol­la­tortr­e­f­fens, col­or runs, pop-up-tafel­tennistafels, foto­zoek­tocht­en, sport­demon­straties, wijkquizzen, kinderko­ersen, buurt­feesten, con­certen, dansini­ti­aties en veel meer? 

Ja, zo’n autovri­je zondag zet heel wat mensen (anders) in beweg­ing. Van­daag hebben we hem zek­er nog nodig om te lat­en zien dat je niet alti­jd een auto nodig hebt om ergens te ger­ak­en. Maar tegelijk­er­ti­jd hopen we ook stil­let­jes dat er een dag komt dat we hem niet meer nodig hebben. Dat duurzame mobiliteit zo is inge­burg­erd en ver­ankerd in ons ver­plaats­ings­ge­drag dat we er niet meer bij nadenken. Tot het zover is zal de autovri­je zondag nog wel eens aan­lei­d­ing geven tot gefoeter. Maar onder­tussen is er toch een licht­je dat gaat bran­den in het hoofd van de foeter­aars: dat de auto zek­er niet voor alle ver­plaatsin­gen het ide­ale ver­vo­ersmid­del is. Niets zo effi­ciënt als een dag cold turkey’ om te ont­dekken hoeveel alter­natieve ver­vo­ersmid­de­len er bestaan. Om te zien hoeveel ruimte er in een stad is als de auto er niet is. Om te zien hoeveel ini­ti­atieven er spon­taan bij bewon­ers opbor­re­len om die ruimte te gebruiken. Om te zien dat dromen niet alti­jd bedrog zijn. 

Deel dit artikel via: