Duurzame mobiliteitsplannen

De stad van de toekomst

De stad van de toekomst, een beeld dat heel wat vragen oproept. Zullen kinderen er op straat spelen? Zal u er opgelucht adem halen? Zal u te voet naar de winkel kunnen gaan? Zal er nog plaats zijn voor gezelligheid,leuke babbels en lokale economie? Uiteraard hopen we op het beste voor de toekomst, maar hoe kunnen we die visie ook écht realiseren?

Een duurzaam mobiliteitsplan is een plan voor de toekomst, met de mensen als focus. Het is een reeks van samenhangende maatregelen, ontworpen om tegemoet te komen aan de mobiliteitsnoden van vandaag en morgen. Doel is om een duurzaam mobiliteitssysteem te creëren met de volgende doelstellingen voor ogen:

  • Ervoor zorgen dat de bereikbaarheid die het systeem biedt, beschikbaar is voor iedereen
  • De veiligheid verhogen
  • Lucht- en geluidsoverlast, broeikasgassen en energieconsumptie verminderen
  • De efficiëntie en kosteneffectiviteit van het transport van mensen en goederen verbeteren
  • Bijdragen aan het verhogen van de aantrekkelijkheid en de kwaliteit van de stedelijke omgeving

Het opstellen van een duurzaam mobiliteitsplan

Wanneer u een duurzaam mobiliteitsplan schrijft, gaat u niet over één nacht ijs. U begint met een grondige analyse van de stand van zaken en het baseline scenario. Op basis daarvan wordt een visie uitgewerkt waaruit strategische en operationele doelstellingen afgeleid worden. Om aan die doelstellingen te voldoen wordt een lijst van beleidslijnen en maatregelen opgesteld. Taken, verantwoordelijkheden en budgetten worden bepaald en toegewezen. Tenslotte is een strategie voor monitoring en evaluatie onontbeerlijk.

Europa stimuleert de opmaak van duurzame mobiliteitsplannen. In het nieuwe Witboek Transport wordt de methodologie van duurzame mobiliteitsplanning (Sustainable Urban Mobility Plans – SUMP) onderstreept. Ze wordt beschouwd als een van belangrijkste tools om een lange termijn beleidsvisie te koppelen aan regelgevende mechanismen en een mix van acties.

Vlaanderen heeft al jaren een gelijkaardig regelgevend kader via het mobiliteitsconvenant. Een convenant is een (vrijwillige) overeenkomst tussen de betrokken partners. Die partners zijn voornamelijk openbare besturen. De overeenkomst wordt gesloten om een vooraf omschreven resultaat te bereiken. Het mobiliteitsconvenant bestaat uit een moederconvenant met daarnaast één of meerdere modules, die altijd onder een koepelmodule gevat worden. Gemeenten kunnen ook voor de opmaak van hun mobiliteitsplan een subsidie ontvangen via het afsluiten van een Module 1. Daarnaast zijn er nog 18 andere modules die gemeenten kunnen afsluiten, gaande van de uitbouw van kwaliteitsvol openbaar vervoer, fietsinfrastructuur, verkeersinfrastructuur, schoolomgevingen tot flankerende maatregelen. Een volledig overzicht van alle modules en de nodige achtergrondinformatie is te vinden op www.mobielvlaanderen.be.

De grote meerderheid van Vlaamse steden en gemeenten heeft een mobiliteitsplan maar die lokale (gemeentelijke, stedelijke of zelfs intergemeentelijke) mobiliteitsplannen zijn ondertussen aan een tweede generatie toe. Het mobiliteitsplan Vlaanderen moet zorgen voor de gewenste bijsturingen. Ook het convenantbeleid werd geëvalueerd en zal wellicht hier en daar worden aangepast. Wij houden u alvast op de hoogte.

Wilt u aan de slag en zoekt u inspiratie? In onze bibliotheek vindt u alvast een schat aan informatie, goede voorbeelden en praktijken. Voor wie het graag wat internationaler zoekt is er ELTIS, het portaal voor stedelijke mobiliteit in Europa, een site die we mee beheren. Opdat de juiste maatregelen tegen 2050 het gewenste effect zouden hebben, moeten ze tussen nu en 2020 zijn genomen!